FileMaker - Tip 89

 

Klik op om terug te keren naar het selectiemenu.

Tip 89 - Hoe de index van een veld afdrukken? (methode 2)

Voor de eerste methode: zie Tip 84.

Een blijvende methode om de index van een veld af te drukken, maakt gebruik van een apart databankje. Daarin hebben we in principe slechts één veld nodig, namelijk het veld van de andere databank waarvan we de index willen. Dit aparte databankje is leeg, bevat dus geen enkele record. Meteen daarna maken we toch nog één veldje aan voor de Trigger: een calculatieveldje met als resultaat de waarde 1 (type Getal of Number). We doen hetzelfde in de originele databank. Op die manier kunnen we een relatie leggen Trigger = Trigger, zodat beide databanken met elkaar kunnen communiceren.

We gaan nu naar onze eigenlijke databank en sorteren die op het veld waarvan we de index wensen. We maken ook een scriptje aan met daarin een loop. De bedoeling is dat we al onze records één voor één bekijken: telkens kijken we naar het veld dat we willen indexeren. De eerste keer creëren we meteen een nieuwe record in de andere databank en daar vullen we het veld met Set Field en een Trigger-relatie. Dan gaan we in onze loop naar de volgende record en vergelijken we de inhoud van het veld met die van de vorige record. Is de inhoud dezelfde, dan gaan we verder naar de volgende record. Is de inhoud niet dezelfde, dan creëren we in de andere databank weer een nieuwe record en vullen daar weer het veld. Zo lopen we de brondatabank af tot aan de laatste record.

Sedert de invoering van de Design-functies hebben we nog een derde methode: Tip 162. En vanaf FileMaker 8.5 kan het helemaal anders: Tip 276.

 
avd@avd-ci.be - contactformulier