|
Tip 119 - Afdrukken op verschillende platformen 
Heel wat mensen draaien hun
FileMaker-bestanden op verschillende platformen, op
verschillende systemen dus. Dat kan perfect, maar voor
het printen bijvoorbeeld, moeten we toch rekening houden met
een aantal specifieke zaken. Voor elk platform hebben
we immers een eigen print setup: Mac OS 9 en ouder,
Mac OS X, Windows 98 of Windows Me en Windows
NT/2000/XP.
Om het afdrukken vlekkeloos te laten
verlopen moeten we dus een apart scriptje aanmaken per
print setup: één voor elk systeem dat
we gaan gebruiken. Het is handig als de naam van het
script daarbij duidelijk vermeldt voor welk platform het
bedoeld is, zoals bijvoorbeeld Printinstelling Windows ME
- A4 Landschap. In het hoofdscript (bijvoorbeeld
het aanmaken van een rapport) zorgen we er dan voor dat het
printgedeelte via een vertakking verloopt op basis van een
If-functie
gecombineerd met de statusfunctie Status(CurrentPlatform). Deze
statusfunctie geeft immers een verschillende waarde voor elk
platform:
|
1
|
voor Mac OS 9 en
ouder
|
|
-1
|
voor Mac OS X
|
|
2
|
voor Windows 98 of
Windows Me
|
|
-2
|
voor Windows
NT/2000/XP
|
|