FileMaker - Tip
156
![]()
|
|
|
Globale velden zijn eigenlijk - als je er een beetje over nadenkt - een knappe uitvinding. Ze tonen immers steeds hun waarde, op welke record de gebruiker zich ook bevindt. Je zou het je op de volgende manier kunnen voorstellen: we hebben een aantal kartonnen steekkaarten met namen en adressen, en die steekkaarten bewaren we in een doos. Laat dat dan nog een schoendoos zijn. We moeten vaak een bepaald nummer bellen en wensen dat de hele tijd te zien. We zouden dan een gat kunnen snijden in al onze steekkaarten, op elke steekkaart precies op dezelfde plaats, zodat er een tunnel ontstaat waar we dwars doorheen kunnen kijken. We schrijven vervolgens het telefoonnummer op de binnenwand van de doos, achter de laatste steekkaart. Door de gaten heen zien we dus altijd dat nummer, welke kaart we ook aan het bekijken zijn. Globals worden dan ook voornamelijk gebruikt om waarden opzij te zetten die we later nog een aantal keren nodig hebben, zonder dat ze aan één enkele record gebonden zijn. Globals gedragen zich in een netwerkomgeving op een soms nogal verrassende manier. Hier zijn de basisregels:
Om een oorspronkelijke waarde te wijzigen, zijn er nogal wat netwerkbeheerders die de bestanden dan even naar hun laptop kopiëren, de global wijzigen en de bestanden daarna terugzetten. Maar dat is helemaal niet nodig:
Meer info over globale velden en hun opvolgers in FileMaker 7 en 8: zie Tip 238. |
avd@avd-ci.be - contactformulier